Opleiding

De beveiligingsbranche is een gereguleerde sector; wettelijk is geregeld welke diploma’s of certificaten iemand moet bezitten om bepaalde werkzaamheden te mogen uitvoeren. Beveiligers moeten op grond van de Wet Particuliere Beveiligingsorganisaties en Recherchebureaus (Wpbr) in het bezit zijn van een MBO II diploma en het diploma Beveiliger van de Stichting Vakexamens voor de Particuliere Beveiligingsorganisaties (SVPB) of van een diploma dat daaraan is gelijkgesteld. Welke diploma’s dat zijn, staat omschreven in de Regeling particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus (Rpbr, artikel 5 lid 6).

Met het diploma Beveiliger mogen wettelijk gezien vrijwel alle beveiligingswerkzaamheden worden uitgevoerd. Voor Havenbeveiligingswerkzaamheden is op grond van de Havenbeveilingswet echter een aanvullend Havenbeveiligercertificaat vereist.

SVPB-diploma Beveiliger onlosmakelijk verbonden aan MBO-2 opleiding Beveiliger
Het MBO diploma en het SVPB diploma zijn aan elkaar gekoppeld en worden alleen gezamenlijk afgegeven. Het SVPB-diploma Beveiliger wordt dan ook alleen uitgereikt als de kandidaat:

  • voor alle door SVPB te examineren beroepsgerichte onderdelen (exameneisen) een voldoende cijfer heeft behaald;
  • de MBO II opleiding Beveiliger succesvol heeft afgerond. Het bewijs hiervoor is aan te leveren door de onderwijsinstelling.

Het MBO II diploma is dus een voorwaarde om het SVPB-diploma Beveiliger te kunnen behalen. De diploma’s kunnen niet los van elkaar behaald worden.

Ongediplomeerd leren in de praktijk
Deelnemers van de MBO II praktijkopleiding Beveiliger mogen 12 maanden lang zonder diploma beveiligingswerkzaamheden uitvoeren. Hiervoor hebben zij wel een verklaring van de SVPB nodig, om aan te tonen dat zij daadwerkelijk de opleiding volgen. Met deze verklaring kunnen zij een tijdelijk legitimatiebewijs (groene pas) aanvragen, dat nodig is om de beveiligingswerkzaamheden te mogen uitvoeren. De 12 maanden gaan in op het moment dat zij voor het eerst beveiligingswerkzaamheden uitvoeren voor een organisatie.

MBO II Opleiding Beveiliger
MBO-opleidingen bestaan altijd uit een theorie en een praktijkdeel, beroepspraktijkvorming geheten (bpv). Het theoretische deel van de opleiding Beveiliger bestaat uit een beroepsgericht deel en een algemeen deel.

Beroepsgericht deel
Het beroepsgerichte deel van de opleiding staat beschreven in de het kwalificatiedossier Particuliere beveiliging, dat vastgesteld wordt door het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW). Onderwijsinstellingen maken hun eigen onderwijsprogramma op basis van dit kwalificatiedossier. De beroepsgerichte vakken worden geëxamineerd door de SVPB. Het betreft de onderdelen:

Algemeen deel
De algemene vakken zijn: Nederlands, rekenen en loopbaan- en burgerschap. De school examineert deze vakken. Een deel van het Nederlandse examen en het gehele rekenexamen worden landelijk afgenomen.

Tip: Scholen moeten voor het theoretische deel examenmomenten inkopen. Om vertraging in het opleidingsproces te voorkomen, is het belangrijk dat de onderwijsinstelling de examens goed plant. Vraag daar dus naar als u een onderwijsinstelling kiest voor uw aspirant beveiligers.

Beroepspraktijkvorming
Tijdens de BPV voeren aspirant Havenbeveiligers opdrachten uit die in het verplichte praktijkwerkboek voor objectbeveiliging staan. Het praktijkwerkboek bestaat uit:

  • Algemene opdrachten: dit zijn oriënterende opdrachten die bij passen in het begin van de BPV-periode.
  • Contextopdrachten: de aspirant voert de geplande werkzaamheden uit die horen bij een bepaalde bedrijfscontext. Deze werkzaamheden worden bij de betreffende onderdelen in het praktijkwerkboek genoteerd.
  • Een Logboek: de aspirant noteert dagelijks welke werkzaamheden hij heeft uitgevoerd.

De onderwijsinstelling is verantwoordelijk voor het bestellen van het verplichte praktijkwerkboek voor de student. Het is echter wel belangrijk dat u toeziet op het gebruik ervan.

Meer informatie over het beroep en de opleiding Beveiliger vindt u op de website van S-BB.

Opleidingsinstituten
De MBO-2 opleiding Beveiliger kan alleen gevolgd worden bij een onderwijsinstelling die is erkend door het Ministerie van OCW, de zogeheten CREBO-erkende opleidingsinstituten, die een overeenkomst met SVPB hebben voor de afname van het SVPB-Examen Beveiliger. Er zijn bekostigde onderwijsinstellingen (ROC’s) en particuliere.

Tip: Bij de volgende onderwijsinstellingen kunt u zowel het SVPB Diploma Beveiliger als het Certificaat Havenbeveiliger behalen:

Leerwegen
Er zijn drie leerwegen, BOL, BBL en Derde leerweg. De verhoudingen theorie/praktijk verschillen per leerweg.

  • BOL: dit is de beroepsopleidende leerweg: de aspirant-beveiliger volgt eerst het theoriedeel van de opleiding (klassikaal, via afstandsleren, of een combinatie daarvan) en gaat dan het praktijkdeel van de opleiding doen. Het ministerie van OCW stelt eisen aan het aantal uren onderwijs en praktijk dat de aspirant-beveiliger moet volgen.
  • BBL: dit is de beroepsbegeleidende leerweg: de aspirant-beveiliger volgt eerst 10 dagen les (volgens de cao Particuliere beveiliging) en gaat dan meteen starten met het praktijkdeel. Het ministerie van OCW stelt eisen aan het aantal uren onderwijs en praktijk dat de aspirant moet volgen.
  • Derde leerweg: voor de Derde leerweg stelt het ministerie van OCW geen eisen aan het aantal uren onderwijs en praktijk. Deze leerweg is sneller, maar wordt niet bekostigd.

Erkende leerbedrijven
De aspirant Havenbeveiligers doen BPV bij een door SBB voor Beveiliger erkend leerbedrijf. Op stagemarkt vindt u alle erkende leerbedrijven. Op de website van SBB vindt u meer informatie over de erkenning van leerbedrijven.

Praktijkopleider
Elk leerbedrijf dient een praktijkopleider beschikbaar te hebben. De praktijkopleider heeft de belangrijke taak om aspirant-beveiligers gestructureerd op te leiden in het leerbedrijf. Een adviseur van eX:plain ondersteunt de praktijkopleider hierbij. Praktijkopleiders dienen een basistraining voor praktijkopleiders in de beveiliging te volgen en kunnen zich daarna nog verder bekwamen. Deelnemers aan de training ontvangen een voorbeeldversie van het praktijkwerkboek dat aspirant-beveiligers moeten gebruiken bij de BPV.

Vergoeding voor studenten
Studenten die BPV doen, kunnen dat op twee manieren doen: als aspirant-beveiliger met arbeidsovereenkomst, of als stagiair. Voor beide vormen gelden voorwaarden.

  • Aspirant-beveiliger: De aspirant krijgt een arbeidsovereenkomst en ontvangt salaris. In de cao particuliere beveiliging is een aparte loonschaal opgenomen voor aspiranten.
  • Stagiair: BOL-studenten en BBL-studenten die gebruik maken van de proefplaatsregeling van het UWV kunnen de status van ‘stagiair’ aanvragen, het zogeheten BOL-vignet. De procedure vindt u hier.
    • Voor BOL-studenten kan dat voor een periode van 12 maanden.
    • Voor BBL-studenten met proefplaatsing kan dat voor maximaal 2 maanden; daarna gaan zij over naar de status van aspirant-beveiliger en moeten zij een arbeidsovereenkomst en salaris krijgen.

    Stagiairs mogen alleen boven de sterkte worden ingezet en dienen 1-op-1 begeleiding te krijgen van een parktijkopleider in het leerbedrijf.

Op de website van Platform Beveiliging vindt u meer informatie.

V:Base
Gediplomeerde Beveiligers en Beveiligers in opleiding worden in Nederland geregistreerd in V:base. Uit V:Base wordt een verklaring gegenereerd, die nodig is voor het aanvragen van een legitimatiebewijs. Bekijk hier een filmpje over de werking van V:Base. Meer informatie over V:Base vindt u op Platformbeveiliging.nl en SVPB.

Ontheffing van opleidingseisen beveiligers
Alleen in zeer uitzonderlijke en individuele gevallen kan Justis, namens de minister van Justitie en Veiligheid, (tijdelijk) een ontheffing verlenen van de opleidingseisen. Hiervoor moet de (aspirant) beveiliger aantonen dat hij of zij al het mogelijke heeft gedaan om het diploma te behalen en dat hij of zij voldoende kennis en ervaring bezit voor de betreffende werkzaamheden. U dient voor deze ontheffing een apart aanvraagformulier in te vullen.

Erkenning EU-beroepskwalificaties
Het is mogelijk om diploma’s en certificaten (beroepskwalificaties) die in andere EU-lidstaten zijn behaald zijn, te laten erkennen. Beveiligers die in een andere EU-lidstaat een beroepskwalificatie hebben gehaald, maar in Nederland hun beroep willen uitoefenen, moeten de kwalificatie laten erkennen. Op het aanvraagformulier staat welke documenten meegestuurd moeten worden. Als de gegevens en documenten in een andere taal zijn opgesteld, moeten deze vertaald worden door een beëdigd tolk of vertaler. De kopie van het legitimatiebewijs hoeft niet te worden vertaald. Het aanvraagformulier, inclusief de documenten en eventuele vertaling, moet worden ingediend bij:
Justis
T.a.v. Afdeling V&T/Wpbr
Postbus 20300
2500 EH Den Haag

Zodra Justis alle documenten heeft ontvangen, wordt de aanvraag in behandeling genomen. Justis verleent de erkenning als is voldaan aan de vereisten van artikel 6 van de Algemene wet erkenning EU-beroepskwalificaties. In het kort komt het erop neer dat de aanvrager een gelijkwaardige opleiding moet hebben gevolgd of voldoende praktijkervaring heeft en betrouwbaar is.